EEN BRETONSE DAMES/HEREN TRUI

Dit patroon mag je printen om  jezelf of een ander mee te plezieren; het mag  niet voor commerciŽle doelen gebruikt worden.

BENODIGDHEDEN
Shetlandwol 26/6 Venne nr. 4039-blauw, nr 7100 wolwit
2 breinaalden 0,8 mm.
(Insecten)spelden
Stuk piepschuim

Patroon: tricot 2 nld wit, 4 nld blauw.
Meerd.: maak 2 st. uit 1 st. door eerst in het voorste en dan in het achterste lusje in te steken.

WERKWIJZE voor - en achterpand
Zet 38 st. op met blauw
Nld 1-4: r.
Neem nu wit en begin met het patroon.
Nld 5-54: tricot
Boord
Blauw: 1 nld r.
12 st. r. Werk keren.
12 st. r.
1 Nld r.
12 st. r. Werk keren.
12 st. r.
Alle steken afhechten.
Brei dit pand nogmaals.

Mouw
28 st. opzetten met blauw
Nld 1-4: r.
Nld 5-42: patroon. In de 9e, 21e en 33e naald aan het begin en
aan het eind van de nld 1 st. meerd.
Alles steken afhechten.
Brei nog een mouw.

AFWERKING
Sluit 1 schouder en naai van de andere schouder alleen met een paar steekjes het armsgat dicht. Naai de mouwen aan de panden en sluit de mouw-en zijnaden.
Speld de trui ( bij voorkeur met insectenspelden) op een stuk piepschuim, maak het vochtig en laat het zo opdrogen.
Haal de spelden eruit en de trui kan een pop met buigzame armen aangetrokken worden.

Shetlandwol en insectenspelden kunnen besteld worden bij : www.anneliesdekort.tk

© Annelies de Kort, Elst 2006
 

 

 

  IEJOOR

Dit patroon mag je printen om  jezelf of een ander mee te plezieren; het mag  niet voor commerciŽle doelen gebruikt worden.

BENODIGDHEDEN:

Dunne lichtrose wol, bijv Burmilana nr 3919
Dunne grijs-blauwe wol bijv. Burmilana nr 3866
2 breinaalden 0,8
Dunne haaknaald nr 0.80
Wit en zwart naaigaren voor de ogen en manen

Meerd.: maak 2 st. uit 1 st. door eerst in het voorste en dan in het achterste lusje in te steken.

KOP EN BOVENLIJF
Licht rose:

10 st. opzetten. Elke st. meerd. (20). 1 Nld.av.
3 St.r.,1 st.meerd., 2 st.r.,1 st.meerd., 6 st.r., 1 st.meerd., 2 st .r., 1 st.meerd., 3 st.r. (24)
3 Nld tricot.
Blauw:
8 St.r., 1 st.meerd., 6 st.r., 1 st meerd., 8 st. r. ( 26)
8 St.av., 1 st.meerd., 8 st.av., 1 st.meerd., 8 st. v. (28)
9 St.r., 1 st.meerd., 8 st.r., 1 st.meerd., 9 st.r. ( 30)
25 St.av., werk keren, 20 st.r., werk keren, 25 st.av. 1 Nld r.
23 St.av., werk keren, 16 st.r., werk keren, 23.st.av. 1 Nld.r
21 St.av., werk keren, 12 st. r., werk keren, 21 st. av.
10 St.r., 2 st.samenbr., 6st.r., 2 st.samenbr., 10 st.r. (28)
10 St.av., 2 st.samenbr., 4 st.av., 2 st.samenbr., 10 st.av. (26)
9 St.r., 2 st.samenbr., 4 st.r., 2 st.samenbr., 9 st.r. (24)
1 St.meerd., 10 st.av., 2 st. samenbr., 10 st.av.,1 st.meerd (25)
Nld r., 6 st. bijmaken. (31)
17 St.av., 2 st.samenbr., 12 st.av., 6 st.bijmaken ( 36)
17 St.r., 2 st.samenbr., 17 st.r., 4 st.bijmaken. ( 39)
Nld.av., 4 st.bijmaken ( 43)
5 Nld tricot
5 St afhechten, rest av., ( 38). 5 St. afhechten, rest r. ( 33)
3 St. afhechten, rest av. ( 30) 3 St. afhechten, rest r. ( 27)
4 Nld tricot.
1 St.meerd., 12 st.av., 1 st.meerd., 12 st.av., 1 st.meerd. (30)
4 Nld tricot .
2 St.samenbr., 28 st.r. (29). 2 St.samenbr., 27 st.av ( 28)
2 St.samenbr., 26 st.r., 3 st.bijmaken (30)
30 St.av., 3 st.bijmaken (33)
33 St.r., 4 st.bijmaken ( 37)
37 St.av., 4 st.bijmaken ( 41)
19 St.r., 2 st.samenbr., 20 st.r ( 40). 1 Nld av.
19 St.r., 2 st.samenbr., 19 st.r. (39) 1 Nld av.
18 St.r., 2 st.samenbr., 19 st.r. (38)
18 St.av., 2 st.samenbr., 18 st. av.(37)
afhechten

ONDERLIJF

Blauw:
2 St. opzetten.
1 St.r.meerd., 1 st.r. (3). 1 St.av.meerd. 2 st.av. (4).
1 St.r.meerd., 3 st.r. (5). 1 St.av.meerd., 4 st.av. (6).
6 St.r., 7 st. rose bijmaken. (13).
Waar van kleur gewisseld wordt, de draden om elkaar slaan.
7 St. rose av., 6 st. blauw av., 7 st. rose bijmaken. (20)
7 St. rose r., 6 st. blauw r., 7 st. rose r. en 3 st. rose bijmaken. (23)
10 St. rose av., 6 st. blauw av., 7 st. rose av. en 3 st. rose bijmaken. (26)
5 Nld tricot ( 10 st. rose, 6 st. blauw, 10 st. rose )
5 st. rose afhechten, 3st,av. rose, 7 st. blauw av., 10 st. rose av. (21)
5 St. rose afhechten, 3 st. rose r. ,8 st. blauw r., 4 st. rose av. ( 16)
3 St. rose afhechten, 8 st. blauw av., 4 st. rose av. ( 13)
3 St rose afhechten, 9 st. blauw r.(10).
8 Nld blauw tricot.
10 St. blauw av., 3 st. rose bijmaken ( 13)
3 St. rose r., 10 st. blauw r., 3 st. rose bijmaken (16)
3 St. rose av., 10 st. blauw, 3 st. rose av., 5 st. rose bijmaken. (21)
8 St. rose r., 10 st. blauw r., , 3 st. rose r., 5 st. rose r. bijmaken. ( 26)
5 Nld tricot ( 8 st. rose, 10 st. blauw. 8 st. rose)
3 St. afhechten, 4 st.rose r., 10 st. blauw, 8 st. rose r. (23)
3 St. afhechten, 4 st. rose av., 10 st. blauw, 5 st. rose av. ( 20)
5 St. afhechten, 9 st. blauw, 5 st, rose r. ( 15)
5 St. afhechten, 9 st. blauw av.
Afhechten.

STAART

Blauw:
7 Lossen haken, voor het aantrekken van de laatste lus wat zwart garen er tussen doen.

OREN

Blauw:
3 st. opzetten. 1 St.r., 1 st. meerd., 1 st. r. (4)
1 St. av., 2 x 2 st. meerd., 1 st. av. (6).
9 Nld tricot.
1 St. av., 2 x 2 st. samenbr., 1 st. av.( 4).
1 St. r., 2 st. samenbr., 1 st. r. (3).
Afhechten.

AFWERKING

Naai de kop en een stukje hals met de goede kanten op elkaar. Keer de kop.
Naai lijf en onderlijf met de goede kanten op elkaar, begin daarbij op het midden van een voorpoot . Midden achter blijft een stukje van het bovenlijf over. Naai tot het midden van de andere voorpoot. Naai het stukje achterlijf. Keer het lijf, vul het en sluit het onderlijf.
Hecht de onderste draad van de staart af en naai de staart met de bovenste draad aan het lijf. Knip de zwarte draden bij de staart bij. Evt. een piepklein! beetje lijm.
Naai de oren aan het hoofd.
Borduur de ogen.
Naai de manen op kop en hals en knip ze bij.